|
|
Kamervraag beantwoord door Geheimschrijver, op 24 september 2009
Vragen van Christa van Velzen (SP) aan de ministers van Justitie en Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over het bericht dat de directeur van het Haagse kunstfestival Todays Art is opgepakt en sindsdien herhaalde malen op het politiebureau verhoord. Waarom zijn de promotieposters voor dit festival, waarop Den Haag is afgebeeld als ‘internationale stad van het conflict’ en die al geruime tijd in de stad hingen, voor een ‘antiterreureenheid’ aanleiding geweest de directeur van zijn bed te lichten?
Algemeen Dagblad, 17 september 2009: «Politie pakt directeur Haags kunstfestival op»
Bron: http://parlis.nl/pdf/kamervragen/V009Z16861.pdf
Voorzitter,
Mijn gewaardeerde en bewonderde collega Hirsch-Ballin heeft mij de vrije hand gegeven bij de beantwoording van deze vraag. Denkt mevrouw Van Velzen nu echt dat we niets geleerd hebben van de invallen bij cartoonist Gregorius Nekschot? Gratis free publicity voor een buitengewoon suffe cartoonist, dat moest beter kunnen.
Kunst mag niet meer gewoon mooi of lelijk zijn. Kunst moet shockeren, anders zien we het niet meer hangen of staan. Maar een affiche met een mannenkop een een stukkie tekst (The Hague, city of terror), da’s te weinig voor een claim to fame. Een woordspeling op ‘The Hague, international city of peace’, meer niet. Nogal dunnetjes. Dus hebben mijn collega en ik de kunstenaar van dienst de helpende hand toegestoken. We maakten er een meerdaagse perfomance van waarbij de gewraakte instituties (in casu de anti-terreureenheid) een rituele opvoering van hun eigen reflexen acteren, geprojecteerd op de daad van het afficheren van subversief beeldmateriaal. Door in te grijpen op de formele structuur van het kunstgebeuren (directeur gearresteerd, niet de kunstenaar of de plakker) wordt het publiek uitgedaagd om de institutionele inbedding van visueel en symbolisch geweld te bevragen en te mediteren bij de vloeibaar geworden grenzen tussen kunst, politiek en werkelijkheid. Het van zijn bed lichten en tot drie maal toe op het politiebureau ontbieden van de directeur van het festival Todays Art was een driedaagse performance die als een culturele daad van belang de geschiedenisboeken in zal gaan. Ik zou hier graag uitwijden over parallellen met de driedaagse lijdensweg van ene J.C. , maar dat laat ik graag aan the eye of the beholder. De kamervragen van mevrouw Van Velzen beschouw ik als een waardige afsluiting van deze culturele excercitie. Dank daarvoor.
Kamervraag beantwoord door Minister, op 23 september 2009
2009Z1684
Vragen van het lid Leijten (SP) aan de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het niet meer verstrekken van een bloemetje bij een verjaardag, een cadeau met Sinterklaas en het weekendgebak aan cliënten en bewoners van Volckaert-SBO in Oosterhout en Dongen. (Ingezonden 21 september 2009)
1) Brief directie aan bewoners/cliënten van Volckaert-SBO d.d. 28 juli 2009
2) YouTube, 31 augustus 2009: Gebak-actie bij de Doelen in Oosterhout
3) Kamerstuk 30 597, nr. 78
Voorzitter,
Het mooie van decentraal bestuur is, dat alles wat goed gaat lokaal wordt gevierd, terwijl de fouten over de schutting van de regering worden teruggegooid. Uiteindelijk blijft de bewindspersoon de pispaal. Zo word ik nu weer verantwoordelijk gehouden voor het uitfaseren van een gebakje in een Brabants bejaardentehuis. Er wordt weer wild gegooid met allerlei wet- en regelgeving die hier aan ten grondslag ligt, terwijl het euvel natuurlijk ligt bij de incompetentie van het bestuur van deze zorginstellingen. Als het aan mij ligt, dan schaft iedereen het weekendgebakje af - maar ik heb geen zin in een taart in mijn gezicht. In dit geval betreft het 1 (één!) zorginstelling in Brabant. De directie denkt ongewtijfeld dat de Bourgondische levensstijl in deze provincie exclusief aan hen is voorbehouden. Misschien moeten we hun bonnetjesadministratie eens nalopen. Zul je net zien dat ze elke dag om elf uur, drie uur en vlak voor het dichtslaan van de laptop enorme gebaksbachanalen aanrichten. Naakte vrouwen spartelen zich een weg door kamerbrede slagroomtaarten, en de directrice duikt iedere vrijdag in monokini door haar glazen plafond in de creme de patisserie. Dat werk.
Voorzitter, er moet me toch iets anders van het hart. De SP lijkt het met deze kamervragen vooral te gaan om promotie voor de gebakjes die zij aan de bewoners van de Volckaert – De Doelen in Oosterhout hebben uitgedeeld. Het is een jolige buitenparlementaire actie, maar hou het daarbij. Verwar het vooral niet met serieus parlementair werk. Ik weet dat de groei van de SP tot staan lijkt te komen, maar voel me niet geroepen de helpende hand te bieden door uw taartjeskwestie heel serieus te gaan beantwoorden. (Afgevaardigde Leijten is overigens altijd welkom in mijn werkkamer, waar immer een ijskastje vol goedgevulde tompoucen tevreden snort.)
Kamervraag beantwoord door Geheimschrijver, op 15 september 2009
2009Z16312
Vragen van Marianne Langkamp (SP) aan de minister van Justitie over onzorgvuldige echtscheidingsbemiddeling van 11 september 2009. De Vereniging van Familierecht Advocaten Scheidingsbemiddelaars vindt dat scheidingsbemiddelaars hun klanten niet altijd goed voorlichten. Zo wordt tachtig procent er niet op gewezen dat ze binnen twee jaar bij de pensioenuitvoerder hun deel van het pensioen op moeten eisen, zeggen ze.
[...]. Ze vraagt of de minister het reëel vindt dat online scheidingsbemiddelaars aanbieden een echtscheiding binnen vier weken te regelen voor € 750? En hoe het zit met de aansprakelijkheid van een echtscheidingsbemiddelaar? En of gecompliceerde echtscheidingen (met kinderen of internationale echtscheidingen) niet moeten worden gedaan door familierecht-specialisten. En tot slot wat er gedaan kan worden om onzorgvuldige echtscheidingsbemiddeling te voorkomen?
(De Telegraaf, 8 september 2009: «Scheidingsmarkt verpest. Online
bemiddelaar doet het voor 750 Euro».)
Voorzitter,
Mevrouw Langkamp laat zich voor een karretje spannen. Zij liet zich inspireren door een Telegraaf-artikel met de titel: “Scheidingsmarkt verpest”. Tot nader order is mijn conclusie: een lobbyclub van juridisch doorgeleerde bemiddelaars wordt uit de markt geprijsd door zelfbenoemde bemiddelaars, die goedkoper en sneller werken. Mooi. Dat noemen we marktwerking, dat leidt tot welvaartswinst en betere dienstverlening. Sneller en goedkoper, bij voorbeeld. Of minder juridisch formeel en meer warmmenselijk. Net wat de mensen willen. En ja, er worden fouten gemaakt. Dat is heel erg. Daar hebben we consumentenautoriteiten voor, of desnoods rechters die werk maken van schadeclaims. Leuke niche-markt voor juristen die werk zoeken omdat de scheidingsmarkt is verpest. Van die strak geklede jongens en meisjes die de hardhouten lambrizering van hun grachtenkantoor in de factuur verdisconteren.
Mevrouw Langkamp vraagt naar maatregelen om onzorgvuldige echtscheidingsbemiddeling te voorkomen. Ik dacht aan goede voorlichting – maar verdomd als het niet waar is: dat doen we al. Zie bij voorbeeld de gratis glasheldere echtscheidingsbrochure van Postbus 51. De beste oplossing van het pensioenprobleem is natuurlijk een slimme koppeling van bestanden, waardoor ABP en Belastingdienst bij echtscheiding invulling kunnen geven aan een pro-actieve signaleringsfunctie naar de klanten toe. Maar ja, die privacy-fobie, hè? Die houdt veel goede oplossingen voor echte problemen tegen. Een potje bestuurlijk gaan zitten hobbyen met een nieuwe inspectie of een keurmerk als resultaat lijkt me geen alternatief.
Overigens, ook ik vind dat voor ingewikkelde echtscheidingen competente mensen met kennis van het familierecht moeten worden ingeschakeld. Ik vond binnen 2 minuten een advocatenkantoor dat voor € 775,- een leuk echtscheidingspakket biedt voor het hele gezin. Heel reëel, toch? U ziet: je hoeft geen beunhaas te wezen om betaalbaar te zijn.
Kamervraag beantwoord door Geheimschrijver, op 1 september 2009
Vragen van het lid Ulenbelt (SP) aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 28 augustus 2009:
1 Wilt u de samenvatting van de reacties die via www.szw.nl binnenkomen op het voornemen om de AOW-leeftijd te verhogen wekelijks aan de Kamer toezenden? Zo nee, waarom niet?
2 Wilt u de samenvattingen van de reacties tot op heden aan de Kamer zenden? Zo nee, waarom niet?
Bron: http://www.ikregeer.nl/document/V009Z15274
1 Website ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (http://home.szw.nl/index.cfm?menu_item_ id=13729&rubriek_id=391817&rubriek_item= 391904&hoofdmenu_item_id=13825& fuseaction=app.verhogingaowform)
Voorzitter, ik vraag me af wat de SP hier nu weer mee wil. Altijd zijn het de neezeggers, de klagers en de schuimbekkende psychopaten die reageren op overheidswebsites. De instemmers, meedeiners en onverschilligen hoor je niet. Ik maak me geen illusies over de gretigheid van mensen om langer te werken. Maar daarmee is nog niet gezegd dat een populaire maatregel een goede maatregel is. (Als het geen pijn doet is het niet lekker, is mijn motto. Maar dat heeft u niet van mij). En al dat gescherm met maatschappelijk draagvlak moet ook maar eens afgelopen zijn.
Afijn en kortom: het verzoek van de SP betreft het verplaatsen van onzin, maar we doen het omdat we transparant moeten zijn. Vooruit met de geit.
Ik ben zo arrogant om er blind vanuit te gaan dat er geen enkele zinnige reactie zal binnenkomen. De enige intelligente reactie zou namelijk zijn een verwijzing naar het Deense voorbeeld, en dat dat heb ik op de website van mijn ministerie nu juist zorgvuldig weggepoetst. Er is op de arbeidsmarkt wel wat meer aan de hand dan vergrijzing en ontgroening, en daar houdt het voorstel van dit kabinet helemaal geen rekening mee. Ik doel op flexibilisering. Mensen hebben steeds meer verschillende banen en werkgevers, in steeds meer landen. Nederland telt meer dan 1 miljoen ZZP-ers en andere kleine zelfstandigen. Maar ook werken steeds meer mensen als gedetacheerde, of schieten terug in een ouderwets vaste betrekking, maar dan voor beperkte tijd. Mensen maken maken haakse bochten in hun carriërepad, al dan niet via tussentijdse scholing of na een sabbatical in het Atlasgebergte (van beleggingsadviseur naar Reiki-masseur) en dat leidt weer tot scherpe pieken en dalen in hun productiviteits- en salariscurve – en daarmee in hun bijdrage aan welvaart, schatkist en pensioenfonds. Sommige mensen willen best lekker doorwerken tot hun 75ste, anderen zijn bereid terug te zakken tot 40 procent van hun laatst verdiende salaris om na hun 56ste in alle rust een boerderijtje in een leeglopend dorp in het oosten des lands uit te mogen wonen. Daar is het huidige systeem niet goed op afgestemd, en een verhoging van de AOW-leeftijd lost dat ook niet op, behalve voor de mensen die graag door willen werken. We zijn kortom bezig één probleem te negeren en een ander te creëren. Langer doorwerken leidt tot een hoger beroep op de AOW en tot strategisch gedrag, verlaagde inzetbaarheid en dalende productiviteit. Wat we winnen aan de financiering van de ouwedag verliezen de verzamelde NL werkgevers aan menselijk kapitaal. Tel uit je winst. In Denemarken begrijpen ze dat en hebben ze nagedacht over ‘flexicurity’, om dat probleem te lijf te gaan. Ik gruw daarvan.
Voor het uitwerken van een doortimmerd maar flexibel systeen ontbreekt mij de geestelijke wendbaarheid, vastgeroest als ik zit in oude tegenstellingen tussen loonslaven en broodheren. Bovendien zou zo’n project mij de kans ontnemen om mijn favoriete hobbie te beoefenen: vakbondje pesten. U begrijpt: ik stuur die voorspelbare reacties met alle liefde aan u door, zolang u dan maar niet op het idee komt mij te vragen tot echte oplossingen te komen. Deal?
Kamervraag beantwoord door Minister, op 28 augustus 2009
V009Z15100
Vragen van het lid Van Dijk (SP) aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over de uitspraak van de rechter dat promovendi als werknemers behandeld moeten worden. (Ingezonden 25 augustus 2009)
Voorzitter,
Het lid Van Dijk (SP) heeft mij dezelfde vraag in 2008 als gesteld middels een motie. Ik heb daar ook toen al positief op gereageerd. Dat weet hij zelf ook, want hij verwijst daar naar. Het enige nieuws is, dat ook de rechter nu zegt dat promovendi werknemers zijn en dus niet als slaven behandeld mogen worden in het bursalenstelsel. Mij vragen om de gerechtelijke uitspraak aan de universiteiten over te brieven nogal overbodig, omdat iedere professor deze zaak op de voet volgt. De naderende afschaffing van de slavernij van promovendi heeft namelijk een enorme weerslag op leven en werken van iedere prof in Nederland. Zij zullen dit dan ook zien als een zwarte dag.
Weet u voorzitter, niet iedere professor is zo getalenteerd als ik. Naast briljant was ik namelijk ook nog eens mediageniek en mede daardoor erg goed in het binnenhalen van onderzoskgeld. De bekostiging van promovendi was voor mij geen issue. Het gros van de professoren ontleent zijn of haar positie en aanzien echter aan de slavenarbeid van bursalen (aangevuld met het betere ellebogenwerk). De gemiddelde hooggeleerde heeft zijn laatste belangwekkende werk al weer twee decennia geleden opgeleverd en spendeert nu alleen nog tijd aan borrels en management (in die volgorde). Maar in de output van hun vakgroep ziet, staan zij altijd als eerste auteur vermeldt. Zo krijgen ze de credits van het werk van de promovendus die als derde of vierde genoemd staat.
Goedkope burslenl zijn dus van levensbelang. Hoe groter de vakgroep hoe belangrijker de prof. Voor de prijs van één werknemer heb je twee promovendi met een beurs. Twee slaafjes publiceren meer dan één en kunnen daarnaast ook meer colleges geven en tentamens nakijken. We hebben niet voor niets dat we zo’n toevloed van buitenlandse studenten. Zij vangen als beurspromovendus in Nederland nog steeds meer dan in hun thuisland. Ze zijn ook bereid om harder te werken en kennen hun plaats: net boven de studenten. Misschien moeten we de hele boel maar eens gaan outsourcen, net als banken en computerfirma’s. Gewoon Chinezen en Indiërs inhuren via een offshore constructie.
Voorzitter, in het boek Freakonomics wordt uitgelegd waarom de meeste Amerikaanse drugsdealers nog bij hun moeder wonen. Dat verhaal gaat ook op voor promovendi. Er zijn heel veel sukkels die willen promoveren (of drugs dealen). Zij nemen genoegen met minimale betaling en wonen dus tot hun dertigste op kamers of van het inkomen van hun partner/moeder. En allemaal hopen ze dat ze op een dag 1 stap omhoog mogen op de academische ladder. Dan verdienen ineens 5 x zoveel. En hun diepste verlangen is het hooogleraarschap en de daaraan verbonden slariëring en status. Nog geen 10% komt daar ooit in de buurt, zoals elke promovendus kan uitrekenen. Maar dat doen ze niet, want ze zijn gefixeerd op ‘making it big’ als ‘boss’ van een wetenschapsgang ‘gang’. Net een verslaving….
Kamervraag beantwoord door Functionaris, op 6 augustus 2009
2009Z14495
Vragen van het lid Jansen (SP) aan de minister van Economische Zaken over de vergunningprocedure voor de ontwikkeling van het Bergermeergasveld als gasopslag.
(Ingezonden 4 augustus 2009)
Voorzitter,
Afgevaardigde Jansen van de SP stelde mij de volgende vragen.
1
Bent u voorstander van een second opinion op de verschillende rekenmodellen die TNO en de stichting Gasalarm2 gebruikt hebben om het risico op aardschokken te bepalen?
Nee, daar ben ik geen voorstander van. We hebben TNO, we hebben Gasalarm 1 tot en met 13, we hebben de SP en we hebben ook nog eens allerlei omwonenden. Als we die allemaal om hun mening gaan vragen over het risico op aardschokken, krijgen we een gekrakeel waar niemand wijzer van wordt. Gewoon TNO vertrouwen, dat lijkt mij het allerbeste. Knappe koppies werken daar hoor. Second opinions hebben een intrinsieke neiging te verschillen van first opinions, met als gevolg dat je een third opinion nodig hebt om de knoop door te hakken. Maar wie zegt dat toch de eerste opinie niet de allerbeste was? Kortom, niet aan beginnen!
2
Zo ja:
– wie zou er naar uw mening als opdrachtgever moeten optreden van de second opinion?
– Indien dat de Nederlandse staat is: hoe denkt u het dubbele petten probleem op te lossen van de Nederlandse staat als eigenaar van EBN, dat voor 40% participeert in de opslag, en de Nederlandse staat als hoeder van het algemeen belang?
Niemand zou als opdrachtgever moeten fungeren, zie mijn antwoord hierboven. Overigens zie ik die dubbele petten helemaal niet als probleem. De overheid heeft nou eenmaal verschrikkelijk veel petten op, we zitten overal met onze begerige tengels aan, in en tussen. Ik juich dat als overheidsdienaar alleen maar toe. Ik meen dat SP staat voor Socialistische Partij? Wel, in de socialistische traditie is een overheid als nachtwaker niet bepaald een populair concept. Ik geef het maar even mee.
3
Kunt u bevestigen dat indien de gasopslag er komt voor de omwonenden eenzelfde schaderegeling van toepassing zal zijn als bij de omwonenden van
gasvelden? Komt er een nulmeting om de aanvangssituatie in kaart te brengen?
We gaan gas opslaan, geen huizen opblazen. Het is volstrekt prematuur om nu al over schade te gaan nadenken. Stort de boel in, dan zullen we tegen die tijd wel zien. Maar de boel stort niet in. De heer Jansen moet niet zo pessimistisch zijn, een beetje hoop en vertrouwen zou hem goed doen. En een nulmeting wil ik best doen, gesteld dat hij nul euro kost. Misschien kunnen we de omwonenende vragen hun eigen geveltjes te kieken en de foto’s op een usb-stick te bewaren in hun brandveilige kluis? Kost mij niks, en ze staan in elk geval sterker mocht de boel verzakken, ontploffen of instorten. Maar nogmaals, in dat soort doemscenario’s geloof ik niet zo.
Zeg, ik heb nog een paar buisjes lachgas liggen in mijn bureaula. Overgehouden van wildere tijden, toen het hot was in het nachtleven. Met de vragen die kamerleden mij doorgaans stellen heb ik ze niet echt nodig. Doe ik de heer Jansen er misschien een plezier mee? Ik hoor het graag!
Kamervraag beantwoord door Minister, op 18 juni 2009
2009Z11389
Vragen van het lid Van Bommel (SP) aan de minister van Buitenlandse Zaken over de politieke situatie in Iran. (Ingezonden 16 juni 2009)
Het lid Van Bommel (SP) stelde vragen over wat de Minister van Buitenlandse Zaken gedaan heeft om de politieke situatie in Iran te veranderen. Hij vraagt zich af of de minister nog iets gedaan heeft om de NOVA televisieploeg te beschermen of om hun in beslag genomen spullen terug te krijgen. Verder wil hij weten of de minister zelf de stemmen nog zal tellen om vast te stellen of de verkiezingen legitiem verlopen zijn.
1) Ministerie van Buitenlandse Zaken, 14 juni 2009: “Verhagen bezorgd over politiek geweld Iran” http://www.minbuza.nl/nl/actueel/nieuwsberichten,2009/06/Verhagen-bezorgd-over-politiek-geweld-Iran.html
2) NOVA, 14 juni 2009: “NOVA-ploeg teruggekeerd uit Iran” http://www.novatv.nl/page/detail/nieuws/11166/%5C%22NOVA-ploeg+moet+Iran+onmiddellijk+verlaten"
Voorzitter,
Het lid Van Bommel (SP) vraagt zich af of ik de hele dag zit te vissen in de Hofvijver. Ik kan hem gerust stellen een minister is nog wel wat drukker dan een kamerlid en ik ben niet helemaal ongekwalificeerd in mijn vak. Ook ik heb van de ontwikkelingen in Iran gevolgd, meer en beter zelfs dan het lid Van Bommel. U moet weten namelijk, dat ik Twitter gebruik en hij niet (noch zijn hele fractie).
Twitter is een communicatiemiddel waarbij de gebruikers communiceren in berichten van maximaal 140 karakters. Een soort SMS, maar dan publiekelijk toegankelijk voor iedereen (via internet). Het is fantastisch. Laat dit nou net een van de communicatiemiddelen zijn welke in Iran nog wel te gebruiken valt. Dus waar dhr. Van Bommel tevergeefs wacht op een uitzending van Nova, volg ik live de gebeurtenissen in Teheran, maar ook in andere Iraanse steden.
Als dhr. Van Bommel (en met hem zijn hele fractie) zich eens zou bekwamen in het gebruik van moderne media, dan zouden we hen misschien ook eens tegenkomen op Twitter. Dan zouden ze kunnen zien dat ik met de zaakgelastigde van Iran gesproken heb, dat onze ambassadeur met de aytollah’s gesproken heeft. Dan zou hij ook zien dat ik overspoeld wordt met berichtjes over Iran, omdat mijn Twitternaam over heel Twitter heen gespamd is. Ik kan hem Twitter aanraden, het zou zijn marxistische hart sneller doen kloppen. Twitter wordt gratis aangeboden en er zit ook geen business model achter. De eigenaren slaan zelfs honderden miljoenen dollars af van de rijken der aarde. Maar al zouden ze alleen het genot van teletekst ontdekken, dan al zouden ze de antwoorden op al deze en veel van de andere vragen die ze stellen kennen.
Voorzitter, ik ben maar beperkt in wat ik kan doen. Ik kan thee drinken met de zaakgelastigde. Ik kan och, poeh en foei roepen. De zaakgelastigde doet dan och en ai terug. Hetzelfde gebeurt in Teheran door onze ambassadeur, maar dan omgekeerd. Ik kan echter niet een totalitair regime terugdraaien. Een totalitair regime dat, ongeacht wie de verkiezingen gewonnen had, totalitair gebleven was, nu zijn de randjes alleen wat scherper. Voor de rest verandert er niets. Meneer Ahmedinijad en ik waren geen vrienden, we zullen het ook wel niet worden.
Kamervraag beantwoord door Minister, op 13 mei 2009
Vragen van de leden Gerkens en Gesthuizen (beiden SP) aan de staatssecretaris van Economische Zaken over het verstrekken van gegevens door de Kamer van Koophandel aan Google (ingezonden 7 april 2009)
Hoe is het toch mogelijk dat Kamer van Koophandel allerlei adressen en telefoonnummers verkoopt aan de hoogste bieder? Daar staan ook de namen van zelfstandigen zonder personeel in, dat zijn privépersonen met soms zelfs geheime nummers. Het kan toch niet zo zijn dat de gegevens van privépersonen niet beschermd zijn?
2009Z08262
Vragen van het lid Weekers (VVD) aan de minister en de staatssecretaris van Financiën, de ministers van Justitie en van Economische Zaken over het niet nakomen van de plicht tot openbaarmaking van de jaarstukken. (Ingezonden 29 april 2009)
Waarom denkt u dat bedrijven geen interesse hebben om hun concurrenten inzicht te geven in hun financiële positie? En waarom denkt u dat de overheid niet bereid is om bedrijven aan een wettelijke verplichting te houden? Waarom hebben we eigenlijk een publicatieplicht van jaarstukken? Zoveel openbaarheid, dat is toch (n)ergens goed voor?
1) Het Financiëele Dagblad, 28 april 2009
Voorzitter,
De beide vragen belichten verschillende aspecten van hetzelfde probleem. En dat probleem is de legitimatie van het bestaan van een Handelsregister.
Geen enkele ondernemer heeft er belang bij om zijn handelspartners, concurrenten en geldschieters wijzer te maken over zijn financiële situatie en afgeleide risico’s. En dat is nou net wat het Handelsregister (met daarin het jaarverslag en de bedrijfsgegevens) doet.
Het is de taak van de FIOD/ECD om bedrijven te vervolgen die niet voldoen aan die wettelijke verplichting. Maar de FIOD/ECD is chronisch onderbezet en overwerkt en maakt liever jacht op echte fraudeurs. Het achter de broek zitten van bedrijven voor iets waar de FIOD/ECD zelf niet van profiteert heeft geen prioriteit. Met andere woorden: de FIOD beschouwt het als onzin. Tenzij uw Kamer een verplichting aan de FIOD/ECD oplegt, gebeurd daar niets.
Zelfs de Belastingdienst is niet geïnteresseerd in de jaarstukken van een onderneming. Zij krijgt namelijk alle informatie over inkomsten en uitgaven al via de elektronische weg en via jaarlijkse aangiftes. Het jaarverslag bevat zelden iets wat de Belastingdienst niet al weet. En als de Belastingdienst zich een beetje boos maakt, dan ligt de accountantsverklaring binnen een paar minuten op tafel. Daar zijn geen jaarstukken voor nodig.
Ook de Kamer van Koophandel is niet geïnteresseerd in het deponeren van jaarstukken. Het is werk waar ze niets aan verdienen, dus waarom zouden ze op zoek gaan naar meer onbetaald werk? Toch hebben ze er belang bij het Handelsregister onder hun hoede te hebben: ze kunnen het exploiteren, door de infomrati die er in zit te verkopen, pardon: tegen een vergoeding beschikbaar te stellen aan derden. Een gemiddelde Kamer is voor een derde van haar inkomsten afhankelijk van de exploitatie van het Handelsregister.
De kosten van het Handelsregister zijn niet meer dan 30 miljoen euro, of 20 euro per onderneming per jaar. Daar staat al gauw 60 miljoen euro aan inkomsten tegenover. En daarmee zijn we aangekomen bij de vraag van de leden Gerkens en Gesthuizen. Deze prive-gegevens zijn verkocht, omdat ze geld opbrengen. Veel geld. En nu steeds meer mensen de B.V. Ikke Vooruit oprichten, staan er ook steeds meer privépersonen met naam en nummer in het register. Zij zijn nu eenmaal een bedrijf, hebben ze zelf besloten, en dus worden ze als zodanig behandeld. Daar valt weinig aan te doen.
Blijft de vraag waarom we dan wél een Handelsregister en een publicatieplicht hebben. Het Handelsregister bestaat om ondernemers en burgers inzicht te geven in welke bedrijven bestaan, welke personen er achter die bedrijven zitten en hoe het zit met de financiële status daarvan. De achterliggende gedachte is dat de openbaarheid van die informatie bijdraagt aan het vertrouwen tussen bedrijven en de handel bevordert. Je weet met wie je in zee gaat. Alle reden om het gebruik van het Handelsregister te stimuleren. Dat kan tamelijk eenvoudig. De Belastingdienst zou het hele Handelsregister kunnen uitvoeren. In tegenstelling tot de KvK heeft de Belastingdienst daadwerkelijk contact met de ondernemer. Zij ontvangt zeer regelmatig een update van de financiële situatie van het bedrijf: dezelfde informatie waar de KvK later in het jaar ook een overzicht van krijgt. Alle reden om de verplichte registratie van bedrijven bij de KvK te vervangen door registratie bij de Belastingdienst. Misschien is het zelfs mogelijk om de gegevens van de Belastingdienst te gebruiken om van alle Nederlandse bedrijven de kwartaalcijfers te publiceren.
Belangrijk bijkomend voordeel is dat de Belastingdienst geen reden heeft om de database voor geld te exploiteren. Zij zou de database aan eenieder ter beschikking kunnen stellen. Het gebruik door particulieren en kleine bedrijven van het Handelsregister zou gigantisch toenemen. Partijen als Google, Exact, Graydon, Beurs.nl etc kunnen dan op basis van de gratis toegankelijke gegevens nieuwe diensten ontwikkelen.
Als u het mij mij eens bent dat het Handelsregister van groot belang is voor de transparantie van de Nederlandse handel, steun dan het onderbrengen van dat register bij de Belastingdienst. Het ontlast de KvK van een taak waar ze geen rol in heeft, vermindert kosten en adminstratieve lasten voor bedrijven, stimuleert het gebruik van het Handelsregister en bevodert daarmee transparantie van en vertrouwen in het Nederlandse bedrijfsleven. Bedrijven die dar tegen zijn, daar zou de FIOD eens goed naar moeten kijken.
Kamervraag beantwoord door Minister, op 29 april 2009
2009Z07884
Vragen van het lid Van Raak (SP) aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de Wet Openbaarheid Bestuur (WOB). (Ingezonden 23 april 2009)
Eingenlijk bedoelt Van Raak:
Mensen hebben recht op informatie over alles wat de overheid doet of besluit. Daar mag je dan toch geen geld voor vragen, bij voorbeeld voor kopietjes of zoekopdrachten? Er zijn gemeenten die dat wél doen. Die vragen kopieerkosten, zoekkosten, kosten voor het verzenden van digitale bestanden en ga zo maar door. En ze doen er 4 weken over om informatie boven te halen die andere gemeenten binnen een dag kunnen leveren. Wilt u dat eens haarfijn laten uitzoeken door de Archief Inspectie? En wilt u vervolgens de gemeenten als de wiedeweerga verbieden om dat nog te doen?
Maar Van Raak zegt:
- Deelt u de mening dat de Wet Openbaarheid Bestuur (WOB) in het leven is geroepen om zoveel mogelijk openbaarheid aan besluiten en handelingen van bestuursorganen te geven? Deelt u de mening dat, om dit te bereiken, er zo min mogelijk drempels dienen te zijn om toegang te krijgen tot deze informatie? Zo nee, waarom niet?
- Wat is uw reactie op het feit dat een aantal gemeenten leges heffen bij het doen van een WOB-verzoek voor onder andere ‘zoeken in het archief’, ‘het verstrekken van een digitaal bestand’, ‘het nemen van een beslissing’, vaak tegen zeer uiteenlopende tarieven? 1)
- Deelt u de mening dat dit ongewenst is en in strijd is met de WOB, waarin is opgenomen dat alleen kosten in rekening mogen worden gebracht voor het verstrekken van kopieën en samenvattingen en de maximum tarieven van die kosten? 2) Zo nee, waarom niet?
- Deelt u de mening dat het heffen van leges bestemd is voor een geleverde dienst met een duidelijk toegevoegde waarde, terwijl het beantwoorden van een WOB-verzoek een recht op informatie is? Bent u van mening dat dit het belang van de gemeentewet overstijgt? Zo nee, waarom niet?
- Deelt u de mening dat dit ongewenste drempels opwerpt om de bestuursorganen te controleren? Zo nee, waarom niet?
- Is het u bekend dat enkele gemeenten weigeren over te gaan tot het vergaren van documenten totdat de indiener van een WOB-verzoek zich akkoord verklaart met leges, weigert documenten te verstrekken totdat betaald is voor het kopiëren of documenten te verstrekken in digitaal formaat, ook al zijn die wel beschikbaar? Wat is uw reactie hierop?
- Hoeveel bestuursorganen voeren een dergelijk beleid rond het beantwoorden van WOB-verzoeken?
- Bent u bereid deze bestuursorganen te wijzen op de uitgangspunten van de WOB en het gehanteerde tarievenbeleid en hen te verzoeken geen kosten meer in rekening te brengen buiten mogelijk te verstrekken kopieën en andere documenten, zoals beschreven in de wet? Zo nee, waarom niet?
- Bent u op de hoogte van het feit dat sommige gemeenten bij het beantwoorden van hetzelfde WOB-verzoek de gevraagde informatie binnen een dag kunnen leveren, terwijl andere gemeenten hiervoor aan twee termijnen van twee weken nog niet voldoende hebben? Bent u ervan op de hoogte dat sommige gemeenten in hun rekeningen een kwartier blijken te hebben gezocht, terwijl anderen volgens opgave dagen nodig hebben? Zo ja, wat is hierover uw mening? Hoe verklaart u deze verschillen?
- Bent u van mening dat in het licht van artikel 3 van de Archiefwet de burger erop mag vertrouwen dat een archief zich in een ‘goede en geordende staat’ bevindt en de extreme discrepantie tussen vergelijkbare bestuursorganen een probleem vormt? Zo nee, waarom niet?
- Bent u bereid de Archief Inspectie de problemen met de toegankelijkheid van informatie te laten onderzoeken? Zo nee, waarom niet?
- Bent u bereid een onderzoek te doen naar de mogelijkheden van een gezamenlijk digitaal rijksarchief, met als doel de doorzoekbaarheid te vergroten en de kosten per instelling te verlagen?
1) O.a. Alphen aan de Rijn, Goirle, Apeldoorn, Anna Paulowna
2) Besluit tarieven openbaarheid van bestuur
Ik zal al uw vragen in één keer beantwoorden.
U hebt gelijk. De gemeentes zijn stout en verdienen straf. De Wet Openbaarheid Bestuur is geen verplichting voor het openbaar bestuur, maar een recht voor de burger. Dat zien de gemeenten overduidelijk anders. Dus dienen ze heropgevoed te worden. Tijd voor onderzoek door de archiefinspectie en ferme taal mijnerzijds.
Maar ik zou eigenlijk nog veel verder willen gaan. Ik wil dat alle resultaten van WOB-verzoeken gepubliceerd worden op de websites van de gemeentes of op een nationale site. Een site als www.bigwobber.nl is al in gebruik en doet goed werk.
En we kunnen nóg een stap verder gaan. U bent een groot voorstander van passieve openbaarheid van de overheid, maar wat vindt u eigenlijk van actieve openbaarheid? Meer precies, wat zou u er van vinden als de Tweede Kamer zelf actiever wordt in het openbaren van haar activiteiten? Bijvoorbeeld: voor een actueel overzicht van kamervragen en -antwoorden kan momenteel het beste men beter Twitter of www.kamervragen.com benaderen. De antwoorden moet men ontdekken via de websites van de ministeries. Op een site als Parlando kan alleen met veel moeite iets gevonden worden. De meeste burgers zullen niets kunnen vinden, omdat ze niet weten hoe ze anoniem moeten inloggen of uitgebreid moeten zoeken.
Ik zou u willen vragen om uw best te doen om de volgende verbeteringen door te voeren op de website van de Tweede Kamer:
- Een overzicht van alle kamervragen, inclusief antwoorden, vervolgvragen etc.
- Een overzicht van alle dossiers, inclusief hun status, bijbehorende documenten en status in de Eerste Kamer of in Brussel.
- Een overzocht van per kamerlid van alle stemmingen waar ze aan hebben meegedaan – inclusief hun stemgedrag natuurlijk – én de discussies waar ze aan hebben bijgedragen.
Ik zou u erg erkentelijk zijn.
Kamervraag beantwoord door Minister, op 29 april 2009
2009Z07925
Vragen van de leden Gesthuizen (SP) en Van der Vlies (SGP) aan de ministers van Economische Zaken en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over het bericht dat een supermarkt in Amsterdam-Noord nog steeds de Winkeltijdenwet aan zijn laars lapt. (Ingezonden 23 april 2009)
- Wat is uw mening over het bericht dat de C1000 in Amsterdam-Noord ondanks een gerechtelijke uitspraak – die stelde dat de winkels in Amsterdam-Noord vanaf 19 april niet langer op zondag de deuren mochten openen met beroep op de toerismebepaling – zich nog steeds niet houdt aan de Winkeltijdenwet? 1)
- Heeft de desbetreffende supermarkt van het stadsdeel Amsterdam-Noord ontheffing gekregen voor de opening afgelopen zondag? Zo ja, op basis waarvan? Is dit dan niet in strijd met de uitspraak van de rechter die eerder oordeelde dat het stadsdeel in strijd met de Winkeltijdenwet handelde? Zo nee, waarom wordt de wet in dit stadsdeel dan niet gehandhaafd?
- Welke bestuurlijke danwel strafrechtelijke mogelijkheden zijn er om – indien door de verantwoordelijke overheid geen toestemming is verleend – de overtreder van de wet aan te pakken?
- Wat vindt u van de reactie van de politie, die op de betreffende dag tot twee keer toe weigerde een aangifte op te nemen? Wat is hiervan de reden? Wat betekent dit voor de aangiftebereidheid van Nederlandse burgers?
- Bent u bereid de verantwoordelijke bestuurslaag aan te spreken op het niet naleven van de Winkeltijdenwet en een gerechtelijk besluit? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid de reactie van het stadsdeel Amsterdam-Noord aan de Kamer te doen toekomen?
1) de Volkskrant, 19 april 2009: “’Supermarkt lapt winkeltijden aan laars’” http://www.volkskrant.nl/binnenland/article1184640.ece/Supermarkt_lapt_winkeltijden_aan_llaars
Aan de voorzitter van het stadsdeelbestuur van het stadsdeel Amsterdam-Noord,
Mede namens mijn collega van Binnenlandse Zaken zend ik u deze brief. Bijgesloten vindt u de de vragen welke twee leden van de Tweede Kamer, de leden Gesthuizen (SP) en Van der Vlies (SGP) gesteld hebben over een supermarkt in uw stadsdeel, die zich niet aan de winkeltijdenwet houdt. Op de een of andere manier lijken vragen van de lokale fracties (we wisten niet dat de SGP een lokale vertegenwoordiging had), welke ongetwijfeld voor u bedoeld zijn, op onze bureaus terecht gekomen te zijn. Wij zijn echter de beroerdsten niet en sturen de vragen graag door.
Graag voorzien we u ook nog van wat advies omtrent deze kwestie. Het lijkt er in de berichtgeving en op uw eigen blog op dat u het niet zo nauw neemt met de wetgeving in Nederland. U ziet het verruimen van de openstelling van winkels als een service aan uw burgers en de Wet en haar betekenis verdienen daarbij geen aandacht. U/uw ambtenaren blijken ook zeer creatief te zijn in het vinden van wegen waarop de Wet en haar strekking omzeild kunnen worden. Gerechtelijke uitspraken lijken dan ook beneden uw stand en belanden ongelezen in het IJ.
Misschien dat het lid Van der Vlies de Johannes Hus Dag ook in Nederland een nationale feestdag wil laten zijn, maar wij zien niet veel reden voor uw stadsdeel om zich met deze Vrijheidsstrijder te vereenzelvigen en hiervoor een koopzondag te organiseren. U bent niet het slachtoffer van een gerechtelijke dwaling, noch lijkt u te leven onder de repressie van de geestelijkheid. Nee u bent juist de veroorzaker van een gerechtelijke dwaling en Amsterdam-Noord leeft onder uw dictatuur.
Dictatuur is hier het juiste woord. De burger heeft blijkbaar in Amsterdam-Noord geen recht meer op rechtszekerheid. U bepaalt wat goed is en u bepaalt wie er ongelijk krijgt. In naam volgt u de Amsterdamse gebruiken, thee drinken met ondernemers en hun advocaten, maar in de praktijk zit er niet eens meer de suggestie van begrip of de wil om het beter voor iedereen te maken in.
Stuitend is dat deze dictatuur zich verder uit in volslagen lethargie van het politieapparaat. Er wordt een overtreding van een wet en een gerechtelijke uitspraak geconstateerd en zelfs een klacht hierover wordt niet geregistreerd. Wat niet geregistreerd wordt, bestaat niet en daarmee is er niets gebeurd en hoeft er niets gedaan te worden zult u denken. Maar waar de leden van de Tweede Kamer bezorgd zijn over de aangiftebereidheid zijn mijn collega en ik bezorgd over de democratische rechtsorde en daaruit voortvloeiende het respect voor de rechterlijke macht, het functioneren van de politie en het functioneren van een democratisch gekozen bestuur.
U mag het misschien fundamenteel oneens zijn met de Winkeltijdenwet en haar interpretatie. U hebt echter wel een eed of belofte afgelegd. “Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de deelraad naar eer en geweten zal vervullen.” Doe dat dan ook
|
|