Kamerlid in brand door Schipholtunnel

Schriftelijke vragen van het lid Van Gent (GroenLinks) aan de minister van Verkeer en Waterstaat over de tunnelveiligheid op het spoor.

Voorzitter,

Een onbelangrijk lid van de GroenLinks-fractie* zag woensdag de voorpagina van de Telegraaf en moet gedacht hebben dat haar moment van roem nu gekomen was. Zij zou de Minister van Verkeer en Waterstaat een poepie laten ruiken. Zij zou hem tot de orde roepen over het in gevaar brengen van de levens van honderden, misschien wel duizenden Nederlanders in de doodstunnel van Schiphol. Deze mensen werden als palingen gerookt, toen kortsluiting ontstond in de Schipholtunnel en de brandweer en de ProRail verkeersleiding tegenstrijdige opdrachten gaven.

Dan is het toch jammer voor haar, dat ik woensdag in elk medium dat het maar horen wilde een onafhankelijk onderzoek door de inspectie Verkeer en Waterstaat aangekondigd heb. Het kamerlid krijgt ongevraagd al antwoord op al haar vragen. Zij had dit natuurlijk kunnen weten. Maar het woordje ramp op de voorpagina van de Telegraaf roept bij haar een Pavlov-reactie op van roem, exposure, kamervragen. Ze raakt in een roes, waar geen ruimte is voor een check, voor even rondvragen. Ze moet zich immers voorbereiden op de vragen van Ferry Mingelen en het bloesje dat ze dan moet dragen. Als ze de radio aangedaan had, terwijl ze haar fractieassistent de vragen liet schrijven, dan had ze de antwoorden kunnen horen, die mijn ambtenaren uit zichzelf al bedacht hadden. Ze had het kwijl van haar kin kunnen afvegen en kunnen overgaan tot de orde van de dag.

* (Belangrijke leden van de Groenlinks Fractie zijn zichtbaar op de hoofdpagina van Groenlinks. Dit zijn Femke, Kees en Tofik)

Kan de minister zijn collega’s opvoeden?

Vragen van het lid Heemelaar (GroenLinks) aan de ministers voor Jeugd en Gezin en van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over een uitnodiging voor de Canal Pride (ingezonden 1 april 2009)

1. Heeft u kennisgenomen van de uitspraken van de stadsdeelvoorzitter van Slotervaart, Ahmed Marcouch, waarin hij de organisatie van de Canal Pride (Gay Pride) uitnodigt om de botentocht deze zomer te starten op de Sloterplas in stadsdeel Slotervaart? 1)

2. Is het u ook bekend dat hij specifiek de minister voor Jeugd en Gezin verzoekt om in overweging te nemen om daarbij aanwezig te zijn?

3. Bent u met de heer Marcouch van mening dat het voor het bevorderen van de acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren belangrijk kan zijn dat ook de minister voor Jeugd en Gezin aanwezig is bij de start van de canal pride?

4. Is de minister voor Jeugd en Gezin bereid op deze uitnodiging in te gaan? Zo nee, waarom niet?

5. Hoe oordeelt de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over de afweging van de minister voor Jeugd en Gezin en welk advies heeft hij hem over de uitnodiging gegeven?

 

 

Ik neem uw vragen even samen.

Het kabinet spreekt met één mond en ik ga niet over de agenda´s van collega´s. Minister van Jeugd en Gezin de heer Rouvoet kan beter dan ik beoordelen of Canal Pride de acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren bevordert en in hoeverre zijn aanwezigheid op Canal Pride daar aan zou kunnen bijdragen. Ik ben niet van plan de Minster van Jeugd en Gezin met overbodige adviezen lastig te vallen. Evenmin overweeg ik mijn collega’s van Verkeer en Waterstaat (bevordering transport over water), VROM (watergebonden recreatie) en Economische Zaken (bevordering Binnenlands Toerisme) aan te sporen mee te varen.