Nummerportabiliteit voor bankrekeningnummers is nergens goed voor

2009Z11650

Vragen van de leden Vos en Tang (beiden PvdA) aan de minister van Financiën over langere bankrekeningnummers. (Ingezonden 18 juni 2009)

De leden van de Tweede Kamer Vos en Tang stellen kamervragen  naar aanleiding van een bericht dat Consumentenbond tegen langere bankrekeningnummers is. Tegelijk stellen ze vragen over nummerportabiliteit van bankrekeningnummers. Dit zou goed zijn voor de consument.


1) Nu.nl, 16 juni 2009: “Consumentenbond tegen lange bankrekeningnummers” http://www.nu.nl/economie/2023156/consumentenbond-tegen-lange-bankrekeningnummers.html

Voorzitter,

De kamervragen van de leden Vos en Tang zijn interessant. Zij roepen op tot nummerportabiliteit. Nummerportabilitieit leidt namelijk tot het verlagen van overstapdrempels tussen banken. Een klant, zakelijk of consument, kan dan van de een op de andere dag wisselen van bank zonder dat betalingen in de soep lopen. Dat is handig voor de klant en leidt tot meer concurrentie tussen de banken. Het werkt precies als het veranderen van telefonieaanbieder met meenemen van je oude telefoonnummer. Je zou dus verwachten dat de Europese Commissie en het de ministeries van Economische Zaken en Financiën er helemaal vóór zouden zijn.

Mooi niet. De kamerleden spiegelen de burger een fata morgana voor. Het zijn PVDA-ers, maar ze zijn gevallen voor de dwaalleer van het marktdenken. Ik ben in mijn vrije tijd hun partijleider, dus ik spreek ze daar nog wel eens over.  Als ze één ding hadden kunnen leren van de introductie van concurrentie in bv de gezondheidszorg, de energiemarkt of de telecommarkt,  dan is het toch wel dat grote bedrijven een goed idee tot in het oneindige weten te frustreren.

De dichter Elsschot zei het al: “Maar doodslaan deed hij niet, want tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren”. “Hij” is in dit geval de bankensector, van de Rabobank tot Dick Scheringa. Het “doodslaan” slaat hier op consumentenorganisaties en politici met ambities. Zoals de kamerleden Tang en Vos. Hun geluk is dat de wetten en de praktische bezwaren in dit geval legio zijn. Een klant gaat helemaal niet meer van bank veranderen. Dat komt door invoering van de wet die lange bankrekeningnummers vereist: 18 tekens met 4 letterige bankcode zoals ABNA of RABO. Een RABO rekeningnummer bij ABNA is een gevoel dat niet klopt. Het zou kunnen, maar het zal niet gebeuren, ook al maakt het technisch niet uit.  Eigenlijk is het zoiets als een 020-telefoonnummer dat zowel bij KPN als UPC kan zitten. Het komt ook omdat  er geen wet is die nummerportabiliteit verplicht stelt. En als die wet er wél komt, dan zullen banken er alles aan doen om een efficiënte implementatie te frustreren.

Voorzitter, de wet op nummerportabiliteit voor bankrekeningnummers komt er niet.  Ik als grootbankier ben  namelijk mordicus tegen. De missie van mijn ministerie is een stabiel werkend financieel stelsel. De dood, of bevriezing op het absolute nulpunt, is het ultieme stabiele systeem en dus ons doel. Concurrentie en marktwerking zorgen voor leven in de brouwerij en dat moet dus voorkomen worden. Nummerportabiliteit vergt jarenlang overleg met de sector en in Europa. Het vereist het instellen van een nieuwe toezichtshouder, uitvoeringsrichtlijnen en ga zo maar door. Het eindresultaat stelt geen enkele bankier tevreden. Dat de klant er misschien blij mee zou zijn telt dan niet.  Een echte bankier telt andere dingen, – als ik zo vrij mag zijn een grapje te maken.

Een speciaal aandachtspunt in dit verband zijn de twee toezichthouders, die naar elkaar wijzen als het om handhaving gaat. De ene gaat over toezicht achteraf op het gedrag van financiële instellingen in het verleden (de AFM oftewel Autoriteit Financiële Markten). De ander gaat over hoe ze zich zouden kunnen gedragen in de toekomst (prudentieel toezicht door De Nederlandse Bank). En niemand ziet toe op het hier en nu. Stel nu dat we nummerportabiliteit introduceren. Geen van beide wil de regeling uitvoeren en er op toezien dat die goed wordt ingevoerd. Maar beiden willen ze ongetwijfeld de verhoging in status (en salaris voor de directeur). Wie moet het dan gaan doen? Dat is een moeilijke beslissing voor mijn ministerie en voor de Tweede Kamer (die heeft uiteindelijk voor twee toezichthouders heeft gekozen).

Situatie Iran: Ga toch Twitteren!

2009Z11389

Vragen van het lid Van Bommel (SP) aan de minister van Buitenlandse Zaken over de politieke situatie in Iran. (Ingezonden 16 juni 2009)

Het lid Van Bommel (SP) stelde vragen over wat de Minister van Buitenlandse Zaken gedaan heeft om de politieke situatie in Iran te veranderen. Hij vraagt zich af of de minister nog iets gedaan heeft om de NOVA televisieploeg te beschermen of om hun in beslag genomen spullen terug te krijgen. Verder wil hij weten of de minister zelf de stemmen nog zal tellen om vast te stellen of de verkiezingen legitiem verlopen zijn.

1) Ministerie van Buitenlandse Zaken, 14 juni 2009: “Verhagen bezorgd over politiek geweld Iran” http://www.minbuza.nl/nl/actueel/nieuwsberichten,2009/06/Verhagen-bezorgd-over-politiek-geweld-Iran.html

2) NOVA, 14 juni 2009: “NOVA-ploeg teruggekeerd uit Iran” http://www.novatv.nl/page/detail/nieuws/11166/%5C%22NOVA-ploeg+moet+Iran+onmiddellijk+verlaten"

Voorzitter,

Het lid Van Bommel (SP) vraagt zich af of ik de hele dag zit te vissen in de Hofvijver. Ik kan hem gerust stellen een minister is nog wel wat drukker dan een kamerlid en ik ben niet helemaal ongekwalificeerd in mijn vak. Ook ik heb van de ontwikkelingen in Iran gevolgd, meer en beter zelfs dan het lid Van Bommel. U moet weten namelijk, dat ik Twitter gebruik en hij niet (noch zijn hele fractie).

Twitter is een communicatiemiddel waarbij de gebruikers communiceren in berichten van maximaal 140 karakters. Een soort SMS, maar dan publiekelijk toegankelijk voor iedereen (via internet). Het is fantastisch. Laat dit nou net een van de communicatiemiddelen zijn welke in Iran nog wel te gebruiken valt. Dus waar dhr. Van Bommel tevergeefs wacht op een uitzending van Nova, volg ik live de gebeurtenissen in Teheran, maar ook in andere Iraanse steden.

Als dhr. Van Bommel (en met hem zijn hele fractie) zich eens zou bekwamen in het gebruik van moderne media, dan zouden we hen misschien ook eens tegenkomen op Twitter. Dan zouden ze kunnen zien dat ik met de zaakgelastigde van Iran gesproken heb, dat onze ambassadeur met de aytollah’s gesproken heeft. Dan zou hij ook zien dat ik overspoeld wordt met berichtjes over Iran, omdat mijn Twitternaam over heel Twitter heen gespamd is. Ik kan hem Twitter aanraden, het zou zijn marxistische hart sneller doen kloppen. Twitter wordt gratis aangeboden en er zit ook geen business model achter. De eigenaren slaan zelfs honderden miljoenen dollars af van de rijken der aarde. Maar al zouden ze alleen het genot van teletekst ontdekken, dan al zouden ze de antwoorden op al deze en veel van de andere vragen die ze stellen kennen.

Voorzitter, ik ben maar beperkt in wat ik kan doen. Ik kan thee drinken met de zaakgelastigde. Ik kan och, poeh en foei roepen. De zaakgelastigde doet dan och en ai terug. Hetzelfde gebeurt in Teheran door onze ambassadeur, maar dan omgekeerd. Ik kan echter niet een totalitair regime terugdraaien. Een totalitair regime dat, ongeacht wie de verkiezingen gewonnen had, totalitair gebleven was, nu zijn de randjes alleen wat scherper. Voor de rest verandert er niets. Meneer Ahmedinijad en ik waren geen vrienden, we zullen het ook wel niet worden.

Houzee: de PVV heeft een goed idee

2009Z10742

Vragen van het lid De Roon (PVV) aan de minister van Justitie over oplichting via internet. (Ingezonden 9 juni 2009)

1. Heeft u kennisgenomen van het bericht “Criminele bende licht bedrijven op”? 1)

2. Wilt u onderzoeken op welke wijze criminelen van het internet geweerd kunnen worden? Zo nee, waarom niet?

3. Bent u van oordeel dat ondernemers die ingaan op de oproep om op een website gebruikersnaam en wachtwoord in te voeren vervolgens rechtens gebonden zijn om een geldbedrag te betalen? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?

4. Deelt u de mening dat het voor burgers glashelder en op het eerste gezicht duidelijk moet zijn door welke handeling zij een contractuele verplichting aangaan en dat dat niet in de kleine lettertjes verborgen mag zijn?

5. Ziet u in deze affaire aanleiding om wettelijk te regelen dat bepalingen in contracten en (algemene) voorwaarden, die de wijze en het moment van het aangaan van een contractuele (in het bijzonder een) financiële verplichting behelzen, alleen dan rechtsgeldig zijn, indien zij bovenaan in het document en in ten minste tweemaal grotere en vettere letters vermeld worden dan de overige tekst van dat document? Zo nee, waarom niet?


1) De Telegraaf, 6 juni 2009

Voorzitter,

Ik ben positief verbaasd over de vragen van het lid De Roon (PVV). Het is beslist geen gek idee om te eisen dat bovenaan een contract de verplichtingen van beide partijen worden opgenomen, liefst in een leesbare letter. Waarom niet, het maakt de documenten vast veel helderder, voor beide partijen. Het lid had deze suggestie ook kunnen doen zonder de overige brij aan vragen.

Maar vraag 2 heeft ons dan weer verbaasd. Je kunt criminelen pas weren als ze veroordeeld zijn. Daarvoor beschikken we in Nederland over een heel systeem van rechtsspraak. We kunnen criminelen van het internet weren door ze te arresteren en in de gevangenis op te sluiten. Ik weet  dat de PVV vindt dat we dit te weinig doen en voor een te korte tijd. Maar mensen opsluiten, als daar geen gerechtelijke uitslag aan ten grondslag ligt, gaat toch echt te ver. Voor het overige verwijs ik graag naar de schier oneindige lijst van kamervragen die ooit over acquisitiefraude gesteld zijn en de uitgebreide antwoorden daarop. Mocht het lid daarna nog vragen of suggesties hebben, dan kan hij ze alsnog stellen. Dat bespaart de burger ook weer geld.

In de aanbieding: 110.000 pubers, wie maakt me los?

2009Z09684

Vragen van het lid Pechtold (D66) aan de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, mw. Van Bijsterveldt-Vliegenthart, over het bericht dat scholieren hun maatschappelijke stage voortaan ook in de supermarkt kunnen volgen. (Ingezonden 26 mei 2009)


1)
http://www.cbl.nl/pers/persberichten/stage

2009Z09826

Vragen van het lid Uitslag (CDA) aan de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, mw. Van Bijsterveldt-Vliegenthart, over maatschappelijke stage in een supermarkt. (Ingezonden 27 mei 2009)

1) DAG.nl, 18 mei 2009

Het lid Pechthold (D66) stelt vragen over een convenant dat het CBL en het Ministerie van LNV gesloten hebben om 1500 leerlingen hun maatschappelijke stage te laten uitvoeren in supermarkten. Hij vraagt wat voor rol of die leerlingen zullen vervullen en in hoeverre of het bijdraagt aan de doelstellingen van een maatschappelijke stage. Hij vraagt zich af of het louter reclame is voor een commerciële branche, of dat de scholieren ook nog iets zullen leren over gezonde voeding. Het lid Uitslag (CDA) komt als mosterd na de maaltijd nog eens met dezelfde vragen.

Voorzitter,

De leden hebben terecht hun bedenkingen bij het convenant dat ik met het CBL afgesloten heb. Het is een draak van een beslissing, maar een noodzakelijke gezien de situatie. Willen we iedereen een stageplaats kunnen bieden, dan moeten 120.000 leerlingen ongeveer 10 dagen onderdak zijn. Na een voortvarend begin waar we voor 60.000 plaatsen intentieverklaringen hebben afgesloten, zit er nu een duidelijke kentering in. De reden voor de kentering is duidelijk. De maatschappij heeft geen belangstelling in de puber.

Het leek zo’n goed idee. Wij als volwassenen vinden dat pubers wel wat karakterontwikkeling kunnen gebruiken, dus sturen we ze op stage in de maatschappij. Dat zal ze leren. Ze zullen er beter uitkomen. Dat leerlingen en leraren hierover klagen, dat nemen we voor lief. Pubers zijn nou eenmaal liever lui dan moe. Het is juist die desinteresse waar we actie tegen ondernemen.

Waar we echter geen rekening mee gehouden hebben, is de andere kant van deze transactie;de maatschappij. De wereld van de volwassenen heeft net zo weinig interesse in de puber als andersom. De puber kan het best vergeleken worden met dat typische puberkwaaltje; acne. Het is een ontsierend etterend maandlandschap op het gezicht van de maatschappij. Iets wat we met alle mogelijke middelen proberen te fatsoeneren en in het gareel te krijgen. Maar alle Clearasil ten spijt, het is vooral de tijd die de problemen oplost.

Voor de meeste organisaties is de puber een blok aan het been. Niemand wil zo’n wezen met zich meetorsen. Wat voor goeds kan het doen. Misschien een paar dagen koffie schenken, propjes prikken en vuilnis buiten zetten. Maar men wil het niet echt betrekken bij de werkzaamheden in de organisatie. En zeg nou zelf, hoe zou het u vergaan. Tien dagen een puber die u volgt in uw werkzaamheden als kamerlid. Met hun mobieltjes met camera zijn ze allen lid van de Geenstijl-Stasi. Alle rafelrandjes van de maatschappij worden meedogenloos gefilmd en op internet gezet. Denkt u eens in: beelden van Tante Truus haar doorligwonden, foutje van het verpleegtehuis, maar wilt u er mee geconfronteerd worden? Gekonkel in de Tweede Kamer? De gebrekkige hygiëne in ziekenhuiskeukens? Vul maar in. Onze maatschappij is niet zo perfect en pubers zullen onze hypocrisie genadeloos weergeven.

Het is daarom dat we ons realiseren dat de maatschappelijke stage aan niemands vraag beantwoord, niet van de puber en niet van de maatschappij. Het is beter dat we de puber negeren, zoals hij ons negeert, na een paar jaar komt alles weer goed.

Zij die vragen worden overgeslagen

2009Z09805

Vragen van het lid Van der Ham(D66) aan de ministers van Economische Zaken en van Financiën  over het beperkte budget voor  Innovatie Prestatie Contracten (IPC). (Ingezonden 27 mei 2009)

Weet u nog dat ik in december samen met het lid Aptroot (VVD) een motie ingediend heb, waarbij u gevraagd wordt om te kijken of er meer geld is voor de Innovatie Prestatie Contracten?

Voorzitter,

Vier dagen voor publicatie van de Voorjaarsnota vraag het lid Van der Ham (D66) naar de inhoud van deze nota. Geduld is duidelijk niet meer van deze (twitterende) generatie. Hij vraagt of hij het cadeautje krijgt waar hij om gevraagd heeft. Uit het feit dat hij dit vier dagen voor publicatie van de Voorjaarsnota vraagt, valt al af te leiden dat hij in een uitgelekte versie van de Voorjaarsnota al heeft gelezen dat hij dit niet krijgt.

Net als dhr. Van der Ham vinden wij de Innovatie Prestatie Contracten van groot belang. Niet voor niets hebben we het budget voor dit jaar verdubbeld. Ook dit jaar zijn er weer meer aanvragen dan dat we kunnen honoreren. Ons inziens is dit fantastisch. Op deze wijze hoeven we alleen de aanvragen die een dikke negen scoren te honoreren en niet de twijfelachtige zesjes. Voor diegenen die niets gekregen hebben, harder werken de volgende keer, een zes is niet goed genoeg.

En helaas gold ook bij deze voorjaarsnota, het geld is op. Er is niet meer, in ieder geval niet voor de oppositie. Sorry, veel succes bij de volgende verkiezingen.

Op het Ministerie: Ontslaan we die ambassadeur nog?

From: Ambtenaar Indonesië, Directie Azië en Oceanië
Sent: 4 May 2009 15:45
To: Ambtenaar schaal 11 Turkije, Directie West- en Midden-Europa
Subject: FW: Kamervragen Wilders en Madlener, ontslag Nikolaos van Dam

Hey JW!,

Het is weer eens feest! Maar niet heus… Ambassadeur Van Dam heeft het bestaan om op een Koranschool Mohammed niet een pedofiel te noemen. Direct kamervragen van Wilders c.s. Of we hem niet kunnen ontslaan. Zit ook nog een linkje in naar Turkije… Mag je fijn met me meedenken.

Groet,

A

From: Chef DAO/ZO
Sent: 4 May 2009 15:39
To: Ambtenaar schaal 11
Subject: Kamervragen Wilders en Madlener, ontslag Nikolaos van Dam

Hoi A,

Veel plezier er mee zou ik zeggen. Je weet hoe het gaat… Niets zeggen, dan kun je ook niks fout zeggen. Zie bijlage.

2009Z08454

Vragen van de leden Wilders en Madlener (beiden PVV) aan de minister van Buitenlandse Zaken over de speech van de Nederlandse ambassadeur Nikolaos van Dam op een Koranschool in Jakarta op 29 april 2009. (Ingezonden 6 mei 2009)

1. Bent u bekend met de speech “The Global Political Trend and the Role of Islam: The Academic Responsibility of Muslim Scholars” van ambassadeur Van Dam? 1)

2. Deelt u de mening dat onze Nederlandse ambassadeur in Indonesië niets te zoeken heeft op een Koranschool-afstudeerplechtigheid? Zo nee, waarom niet?

3. Deelt u de mening dat ambassadeur Van Dam, in plaats van op multiculti-wijze de islamproblematiek onder het tapijt te schuiven, zijn tijd beter kan besteden aan de onacceptabele weigering van Indonesië om een Nederlands parlementslid toe te laten en zich bovendien beter bezig kan houden met het verbeteren van de positie van niet-moslims in Indonesië? Zo nee, waarom niet?

4. Deelt u de mening dat ambassadeur Van Dam dringend een opfriscursus aardrijkskunde nodig heeft gegeven de verwijzing in zijn speech naar Turkije als een Europees land? Zo nee, waarom niet?

5. Deelt u de mening dat, nu ambassadeur Van Dam schijnbaar de voorkeur geeft aan het behartigen van de islamitische belangen in plaats van de Nederlandse belangen, hij zijn ambassadeurschap met onmiddellijke ingang dient op te geven? Zo nee, waarom niet?


1)
http://www.nikolaosvandam.com/pdf/speech20090429uk.pdf

From: Ambtenaar schaal 11 Turkije, Directie West- en Midden-Europa
Sent: 4 May 2009 16:47
To: Ambtenaar Indonesië, Directie Azië en Oceanië
Subject: RE: FW: Kamervragen Wilders en Madlener, ontslag Nikolaos van Dam

Ha kerel,

Ja veel plezier. Je kunt het toch nooit goed doen met die dingen. Je kent ons officiële standpunt over Turkije? Na ons de zondvloed! Dat probleem mag de toekomst oplossen. Erg prettig dat de Turken hun eigen problemen niet oplossen. Dat ontslaat ons weer van het nemen van echte beslissingen.

“Nederland is geen tegenstander van het EU-lidmaatschap van Turkije, maar staat erop dat het land eerst aan alle criteria voor toetreding voldoet.” Prachtig toch… kun je nog jaren lol van hebben. Alle criteria, dus toegeven over de genocide in Armenië, vrijheid van beledigen van Atatürk, vriendjes worden met de Koerden etc.

Toch mooi hoe Wilders een post-moderne wetenschappelijke verhandeling over de verschillende perspectieven op de Islam en op Turkije weet om te zetten in de juiste dosis populisme. Het bovenstaande officiële standpunt zou elke rechtsgeaarde Nederlander blij moeten laten worden. Minister Verhagen kan bijna zijn haar gaan bleken, zo dicht bij Wilders zit ie. Dat weet Wilders ook wel, want dat hebben we hem vaak genoeg uitgelegd, maar het doet het zo goed in de peilingen en wij mogen zijn varkensneusje niet op het stukje papier drukken (mooie foto op Geenstijl altijd)

Trouwens, een ambassadeur ontslaan omdat een kamerlid de hik heeft? Die heeft duidelijk niet door wat er op de posten toegestaan wordt.

Gegroet en zie ik je vrijdag op de PIAZZA-borrel?

JW

From: Ambtenaar schaal 11 Indonesië, Directie Azië en Oceanië
Sent: 4 May 2009 15:45
To: Ambtenaar schaal 11 Turkije, Directie West- en Midden-Europa
Subject: RE: FW: Kamervragen Wilders en Madlener, ontslag Nikolaos van Dam

Ja ja, probeer dat maar eens uit te leggen op een ambassadeborrel,  dat je een ambassadeur met zoveel onderscheidingen ontslaat omdat ie een verhaal zonder echte mening geschreven heeft. Hij kan zo theedrinken met Cohen. Maar waarom nou weer op een Islamitische bijbelschool? Mag ik weer op zoek naar een Judeo-christelijk bolwerk in Indonesië. Alles weer in balans, iedereen blij.

Mgoed de antwoorden:

1.       Ja

2.       Nee, relaties, vooraanstaande positie instituut, positie en kennis Van Dam, of iets dergelijks

3.       Hij doet beide … alhoewel, dat zielige kamerlid, dat niet naar Indonesië mag, heeft zojuist zijn kansen verspeelt op een actieve houding van de ambassadeur verspeelt.

4.       De ambassadeur liet de vele perspectieven op Turkije zien… Goed bekeken wil niemand de Turken echt hebben, wij niet  en de Arabieren niet.

5.       De Nederlandse belangen worden optimaal en adequaat behartigd… Dit was een typisch staaltje puinruimen dat een ambassadeur doet als een kamerlid weer eens als een varken door de Islamitische porseleinkast heen dendert.

Nou ja, je begrijpt het wel.

En Piazza staat voor komende vrijdag.

Groet,

A

Vragen staat vrij, maar wijsheid is niet gratis

2009Z08034

Vragen van het lid Gill’ard (PvdA) aan de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het testen van medicijnen voor kinderen met de ziekte van Duchenne. (Ingezonden 24 april 2009)

Het kamerlid vraagt naar de redenen waarom er Nederlandse kinderen met de ziekte van Duchenne geen experimenteel medicijn mogen gebruiken. Kinderen in Zweden en België mogen dit wel. Er vindt op dit moment een evaluatie plaats van de Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen (WMO). 1) AD, 22 april 2009

Voorzitter,

Het kamerlid stelt vragen over een delicate zaak. Zieke kinderen spreken ons allemaal aan op onze diepste gevoelens en de aftakeling die Duchenne met zich mee brengt spreekt ons extra aan. Een delicate zaak vergt een delicate behandeling.

Wetenschappelijk-onderzoek is onderzoek dat probeert een hypothese te bewijzen (of the falscificeren) . Pas aan het einde van het onderzoek is bekend of de hypothese waar is; in dit geval dat de medicijnen werken. Een resultaat kan ook zijn, dat de medicijnen niet werken, of erger dat ze schade toebrengen. Daarom is de WMO er ook. Als bescherming van alle betrokkenen bij een medisch-wetenschappelijk onderzoek, dit zijn o.a. de zieke, de proefpersoon, de familie, de onderzoeker, de onderzoeksinstelling en het ziekenhuis. . De WMO is in de afgelopen jaren geëvalueerd en wordt ook nu weer geëvalueerd. In 2004 was het eindoordeel dat de wet goed werkte.

Het perverse geval wil namelijk dat het voor alle betrokkenen, zeker in het begin, profijtelijk is om de situatie beter voor te stellen dan dat zij misschien is. De onderzoeker zou geen testen doen zonder een rotsvaste overtuiging in zijn eigen kunnen en dus in de werkzaamheid van het medicijn. De zieke en zijn familie willen maar wat graag de laatste experimentele strohalm vastgrijpen. Misschien is dit de redding die zij zochten. Echt iedereen wil dat het medicijn zal slagen.

Wat ik jammer vind is dat in uw vragen op geen enkele wijze duidelijk wordt of de wetgeving in Nederland afwijkt van datgene wat wenselijk is. Nergens doet u een voorstel voor wat beter kan. Ondertussen verbindt u uw vragen rechtstreeks met het lijden van een Duchenne patiënt. Deze krijgt hierdoor misschien de hoop dat er iets voor hem gedaan wordt. Een hoop die misschien niet terecht is, omdat niet duidelijk is of de praktijk in Nederland onethisch en onverantwoord is, of deze zijn rechten overmatig beschermd, of dat, hoe hard het ook is, die bescherming terecht is. Als u de patiënt hoop had willen geven, had dan initiatiefwet ingediend met daarin wat er moet en kan verbeteren. Dit hadden we in recordtempo door de Kamer gekregen.

Vragen staat vrij, maar het antwoord hier vergt veel meer wijsheid dan ons soms gegeven is. 

Geen bestaansrecht bij de KvK voor het Handelsregister

Vragen van de leden Gerkens en Gesthuizen (beiden SP) aan de staatssecretaris van Economische Zaken over het verstrekken van gegevens door de Kamer van Koophandel aan Google (ingezonden 7 april 2009)

Hoe is het toch mogelijk dat Kamer van Koophandel allerlei adressen en telefoonnummers verkoopt aan de hoogste bieder? Daar staan ook de namen van zelfstandigen zonder personeel in, dat zijn privépersonen met soms zelfs geheime nummers. Het kan toch niet zo zijn dat de gegevens van privépersonen niet beschermd zijn?

2009Z08262

Vragen van het lid Weekers (VVD) aan de minister en de staatssecretaris van Financiën, de ministers van Justitie en van Economische Zaken over het niet nakomen van de plicht tot openbaarmaking van de jaarstukken. (Ingezonden 29 april 2009)

Waarom denkt u dat bedrijven geen interesse hebben om hun concurrenten inzicht te geven in hun financiële positie? En waarom denkt u dat de overheid niet bereid is om bedrijven aan een wettelijke verplichting te houden? Waarom hebben we eigenlijk een publicatieplicht van jaarstukken? Zoveel openbaarheid, dat is toch (n)ergens goed voor?


1) Het Financiëele Dagblad, 28 april 2009

Voorzitter,

De beide vragen belichten verschillende aspecten van hetzelfde probleem. En dat probleem is de legitimatie van het bestaan van een Handelsregister.

Geen enkele ondernemer heeft er belang bij om zijn handelspartners, concurrenten en geldschieters wijzer te maken over zijn financiële situatie en afgeleide risico’s. En dat is nou net wat het Handelsregister (met daarin het jaarverslag en de bedrijfsgegevens) doet.

Het is de taak van de FIOD/ECD om bedrijven te vervolgen die niet voldoen aan die wettelijke verplichting. Maar de FIOD/ECD is chronisch onderbezet en overwerkt en maakt liever jacht op echte fraudeurs. Het achter de broek zitten van bedrijven voor iets waar de FIOD/ECD zelf niet van profiteert heeft geen prioriteit. Met andere woorden: de FIOD beschouwt het als onzin.  Tenzij uw Kamer een verplichting aan de FIOD/ECD oplegt, gebeurd daar niets.

Zelfs de Belastingdienst is niet geïnteresseerd in de jaarstukken van een onderneming. Zij krijgt namelijk alle informatie over inkomsten en uitgaven al via de elektronische weg en via jaarlijkse aangiftes. Het jaarverslag bevat zelden iets wat de Belastingdienst niet al weet. En als de Belastingdienst zich een beetje boos maakt, dan ligt de accountantsverklaring binnen een paar minuten op tafel. Daar zijn geen jaarstukken voor nodig.

Ook de Kamer van Koophandel is niet geïnteresseerd in het deponeren van jaarstukken. Het is werk waar ze niets aan verdienen, dus waarom zouden ze op zoek gaan naar meer onbetaald werk? Toch hebben ze er belang bij het Handelsregister onder hun hoede te hebben: ze kunnen het exploiteren, door de infomrati die er in zit te verkopen, pardon: tegen een vergoeding beschikbaar te stellen aan derden. Een gemiddelde Kamer is voor een derde van haar inkomsten afhankelijk van de exploitatie van het Handelsregister.

De kosten van het Handelsregister zijn niet meer dan 30 miljoen euro, of 20 euro per onderneming per jaar. Daar staat al gauw 60 miljoen euro aan inkomsten tegenover.  En daarmee zijn we aangekomen bij de vraag van de leden Gerkens en Gesthuizen. Deze prive-gegevens zijn verkocht, omdat ze geld opbrengen. Veel geld. En nu steeds meer mensen de B.V. Ikke Vooruit oprichten, staan er ook steeds meer privépersonen met naam en nummer in het register. Zij zijn nu eenmaal een bedrijf, hebben ze zelf besloten, en dus worden ze als zodanig behandeld. Daar valt weinig aan te doen.

Blijft de vraag waarom we dan wél een Handelsregister en een publicatieplicht hebben. Het Handelsregister bestaat om ondernemers en burgers inzicht te geven in welke bedrijven bestaan, welke personen er achter die bedrijven zitten en hoe het zit met de financiële status daarvan. De achterliggende gedachte is dat de openbaarheid van die informatie bijdraagt aan het vertrouwen tussen bedrijven en de handel bevordert. Je weet met wie je in zee gaat. Alle reden om het gebruik van het Handelsregister te stimuleren. Dat kan tamelijk eenvoudig. De Belastingdienst zou het hele Handelsregister kunnen uitvoeren. In tegenstelling tot de KvK heeft de Belastingdienst daadwerkelijk contact met de ondernemer. Zij ontvangt zeer regelmatig een update van de financiële situatie van het bedrijf: dezelfde informatie waar de KvK later in het jaar ook een overzicht van krijgt. Alle reden om de verplichte registratie van bedrijven bij de KvK te vervangen door registratie bij de Belastingdienst. Misschien is het zelfs mogelijk om de gegevens van de Belastingdienst te gebruiken om van alle Nederlandse bedrijven de kwartaalcijfers te publiceren.

Belangrijk bijkomend voordeel is dat de Belastingdienst geen reden heeft om de database voor geld te exploiteren. Zij zou de database aan eenieder ter beschikking kunnen stellen. Het gebruik door particulieren en kleine bedrijven van het Handelsregister zou gigantisch toenemen. Partijen als Google, Exact, Graydon, Beurs.nl etc kunnen dan op basis van de gratis toegankelijke gegevens nieuwe diensten ontwikkelen.

Als u het mij mij eens bent dat het Handelsregister van groot belang is voor de transparantie van de Nederlandse handel, steun dan het onderbrengen van dat register bij de Belastingdienst. Het ontlast de KvK van een taak waar ze geen rol in heeft, vermindert kosten en adminstratieve lasten voor bedrijven, stimuleert het gebruik van het Handelsregister en bevodert daarmee transparantie van en vertrouwen in het Nederlandse bedrijfsleven. Bedrijven die dar tegen zijn, daar zou de FIOD eens goed naar moeten kijken.

In den lande: De dictators van de welstandscommissie

2009Z08509

Vragen van het lid Vietsch (CDA) aan de minister voor Wijken, Wonen en Integratie over het bericht dat de welstandscommissie van Den Haag een huiseigenaar heeft aangeschreven dat na 9 jaar zijn gevel in een andere kleur geschilderd moet worden omdat anders een dwangsom volgt. (Ingezonden 7 mei 2009)

(Samenvatting) De welstandscommissie van Den Haag wil dat een bewoner van de Marnixstraat in Den Haag zijn lavendelblauwe huis  schildert. Het kamerlid vraagt zich af of de welstandscommissie dit mag.

1 Algemeen Dagblad, 5 mei 2009: «Blauw blijkt na negen jaar te bont».

Mijnheer Vietsch, zo’n welstandscommissie bestaat uit (zelfbenoemde) experts op het gebied van architectuur, stedebouw en landschap. Ze hebben een mening over hoe andere mensen hun leven moeten leiden en als ze het dan eindelijk zo ver hebben geschopt dat ze in de welstandscommissie zitten, dan kunnen ze die mening aan andere mensen opleggen. Heerlijk, mini-dictatortje zijn. Het voordeel voor u en voor mij is dat dit soort mensen nu bezig gehouden worden. Het zou namelijk een kleine tot grote ramp zijn als we ze niet bezig hielden. Stel u eens voor dat ze voor Milieudefensie of een vergelijkbare stichting vrijwilligerswerk gingen verrichten. Eindeloze bezwaarschriftprocedures, azijnzure ingezonden brieven en steeds weer nieuwe pogingen om met politici en ambtenaren te spreken. Voor de meneer in dit filmpje is dus het advies: bezwaar indienen en ze met hun eigen wapens verslaan. Er gaat wat ijd in zitten, maar mooi lavendelblauw is niet lelijk. Dat gaat helaas niet op voor het CDA-groene huis even verderop in de straat. Lelijk als dat is! Het is een gotspe dat de welstandcommissie daar niets mee doet! Ik heb de burgemeester van Den Haag hier al op aangesproken. Een minister moet ook alles zelf doen.

Hell’s Angels, Motoren en platte agenten

2009Z07109

Vragen van het lid Teeven (VVD) aan de ministers van Justitie en van
Binnenlandse Zaken en Koninksrijksrelaties over de invulling van het
getuigenbeschermingsprogramma in Nederland (ingezonden 15 april 2009)


1.      Hebt u kennisgenomen van het artikel “Ik blaas de dienst op”? 1)
Kunt u zich het verzoek herinneren om een evaluatie van de invulling
van het getuigenbeschermingsprogramma in Nederland door onafhankelijke deskundigen?

2) Bent u bereid daar op korte termijn aan mee te werken en de Kamer hierover (vertrouwelijk) te informeren?

 

Zeker hebben wij kennis genomen van het krantenartikel en we hebben gesmuld van het tv-programma van de heer  Van den Heuvel en de glansrol die het lid Teeven (VVD) hierin speelde. Het zag er allemaal erg spannend uit: Zuid Amerika, echte Hells Angels, slechte agenten en foute pruiken! Bijna net zo goed als Peter R. de Vries.

 
2.      Zijn er sinds begin 1996 al eens evaluaties geweest over het
functioneren van de Dienst Getuigenbescherming van het Korps
Landelijke Politiediensten (KLPD)? Bent u bereid de Kamer
(vertrouwelijk) te informeren over de inhoud van deze evaluaties door
het KLPD en het Openbaar Ministerie?


Zoals mijn Collega ter Horst al melde in het debat over de anonimiteit
van het strafproces, zijn er geen onafhankelijke deskundigen die het
getuigenbeschermingsprogramma kunnen evalueren. Het is haar verder ook nooit ter ore gekomen dat getuigen niet tevreden zijn over het
programma. Waarom zouden ze ook, ze krijgen alles wat ze wensen en
een verblijf in Zuid-Amerika op de koop toe. Gratis zon en vakantie, wie wil dat nou niet?

 

3.      Hebt u aanleiding om te vermoeden dat de uitlatingen die in het bovengenoemde krantenartikel worden gedaan over de integriteit van het personeel van het KLPD (ook maar enigszins) op waarheid berusten? Hebt u het voornemen dit te onderzoeken, ook in het belang van het personeel van de Dienst Getuigen Bescherming? Zo nee, waarom niet?


Ik heb geen enkele aanleiding om te vermoeden dat het personeel van
het KLPD niet integer is. We hebben het ze op de man af gevraagd en
allemaal zeiden ze dat ze te vertrouwen waren. Dat moet genoeg zijn.
Als we een politieman niet meer vertrouwen en een wannabe Hells Angel
wél, waar gaan we dan naar toe met zijn allen!
1) De Telegraaf, 11 april 2008: “Ik blaas de dienst op”
2) Verslag algemeen overleg over anonimiteit in het strafproces
(kamerstuk 28684, nr. 208)